Over Marije Oostindie

In 2007 was ik drie jaar samen met mijn geliefde Jeroen, toen we een introductieweek deden bij het Centrum voor Tantra. Die overdonderende ervaring verrijkte alle aspecten van mijn leven.

Inmiddels ben ik als trainer verbonden aan dit prachtige instituut en geniet ik intens van de groepsretraites die ik er begeleid.

Vanuit deze plek krijg ik zo vaak de vraag ‘Kunnen wij ook privé kennismaken met Tantra?’, dat ik mijn Avonden vol Aandacht ben gaan geven; privé introducties tot Tantra voor stellen. Het is heel vervullend voor me om zo uitgebreid mijn aandacht te hebben bij twee mensen met oprechte interesse in zichzelf en in elkaar.

Liefs,
Marije

Deze tijden van corona maken diepe indruk op ons systeem. Er is heel veel nieuw en intens aan deze situatie.

Misschien heb je op dit moment bijvoorbeeld ineens heel weinig fysiek contact.

Of zit je juist de hele dag door thuis met z’n allen op een kluitje, zoals ik: met een vierjarige stuiterbal en twee volwassenen in een 64 m2 Amsterdams appartement. Jeetjemina, wát een veranderingen!

Hoeveel tijd geef je jezelf om er aan te wennen?
Hoe reageer jij op alle veranderingen van de laatste tijd?
Ga je in verzet? Zie je juist heel veel nieuwe mogelijkheden? Of wordt je angstig?

Het is al met al een tamelijk bizarre ervaring. Hoe kunnen we er ook echt iets aan hebben?

In Tantra oefen je om alles toe te laten wat je ervaart

Ja, dat klinkt heel spiritueel verantwoord. Maar wat heb ik er aan? En wat betekent het eigenlijk?

Laten we bij de laatste vraag beginnen. Dit is wat het betekent om alles toe te laten wat je ervaart:

Je brengt je aandacht vriendelijk naar binnen. Niet door aan je binnenste te dénken, maar door waar te gaan nemen hoe je lijf op dit moment aanvoelt. Je wordt je bewust van al die fysieke sensaties daar, je gedachtes en gevoelens.

Vervolgens kijk je naar wat er gebeurt als je daar met je aandacht blijft.
Je zal merken dat alles wat je ervaart, alsmaar in verandering is.

Tenminste: als je die ervaring ‘eenvoudig’ toe kunt laten. Je bent open en nieuwsgierig en je laat je raken door wat je ervaart. Vervolgens verschijnt er iets nieuws in je bewustzijn… en het volgende, en het volgende.

We kunnen alleen helaas ook zo de neiging hebben om onze alsmaar veranderende stroom tegen te willen houden. Dat doen we omdat ze ons niet alleen bij fijne ervaringen brengt, maar ook bij ervaringen die lastig voor ons zijn. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat jij je woede, je verdriet of je angst liever niet wil voelen.

We hebben allerlei manieren gevonden om zoiets niet te hoeven ervaren. We kunnen het bijvoorbeeld proberen te negeren, we kunnen onze tanden op elkaar zetten, we moeten ineens gauw iets anders doen of we eten een zak drop leeg…

Dit geldt trouwens niet alleen voor de dingen die we niet zo mooi vinden: soms vinden we het ook heel spannend om tevoorschijn te komen met iets ‘moois’, zoals onze liefde, intelligentie of schoonheid. Kortom: we hebben de neiging om álles wat we lastig vinden weg te drukken naar de randen van ons bewustzijn.

Wat er niet mag zijn, zal blijven

Het lullige is: dat wat je er onder probeert te houden, gaat niet echt weg. Het blijft, alleen ben je je er niet meer bewust van.

Als je helemaal vrij zou zijn om alles te ervaren wat het leven je geeft, dan zou je merken dat je vrije stroom je allerlei soorten ervaringen zou geven. Sommige zijn leuk, anderen saai, dan weer spannend…. Als je gaat schiften – deze ervaring wél, maar die niet – dan verleg je als het ware de loop van je vrije stroom. Je gooit er een groot rotsblok in: hier mag je niet stromen! En daar móet je stromen.

Daarmee is je vrije, natuurlijke stroom niet meer werkelijk vrij. Een bepaald deel van je ervaring is een no go area geworden; een plek die je moet zien te vermijden. Andere ervaringen probeer je met allerlei inspanning op te zoeken of aan de praat te houden.

En daarmee wordt ons leven zelf onvrij. Als je niet boos mag worden van jezelf: hoe kan je dan ooit een liefdesrelatie opbouwen, waarin dit nou eenmaal één van de onvermijdelijke ervaringen zal zijn? Moet die ander weg zodra het niet meer leuk is? Heel onvrij!

De rotsblok die je in je rivier gooide, gaat niet echt weg als je probeert te doen alsof hij er niet is. Dat niet alleen: het is een enorme investering om ‘m daar op z’n plek te houden. Je bent er veel energie aan kwijt. Hier heb ik het over de spanning die je in je lichaam moet maken op het moment dat je je levensstroom tegen houdt. Spanning die zo gewoon is geworden voor je, dat je die helemaal voor lief bent gaan nemen.

Hiervan dan weer het lullige is: je kan niet alleen je woede niet voelen, maar je liefde wél. Of niet je verdriet, maar wel je compassie. Als je je vrije stroom blokkeert, blokkeer je je vrije stroom. Daarmee worden al je gevoelens oppervlakkiger. Al je ervaringen worden minder intens en daarmee ook minder stralend, minder rijk en minder vervullend.

Waarom we denken dat we ’t niet kunnen hebben

Heb jij wel eens een groot scherp verdriet gevoeld? Misschien voelde je het als een enorme druk op je borst, alsof daar een betonnen blok op lag. Misschien voelde het alsof er een ijzeren vuist je keel afklemde, of werd het heet als lava achter je ogen… Wát een intense ervaring!

Misschien ken je dan ook wel de volgende gedachte:
‘Ja ho es, als ik dít toelaat, dan verzuip ik. Dit verdriet is te diep voor mij.’
En hup: je duwt het weg. Weg naar de randen van je bewustzijn. Weg, maar nét onder de oppervlakte.

Kijk, vroeger als kind, kón je zoiets als zo’n groot verdriet ook niet toelaten zonder de aanwezigheid van je ouders. Het was aan hen om een veilige bedding te bieden voor de intense ervaring van hun kind. Als vader of moeder sta je dan klaar met warme troostende armen. Met heldere grenzen. Met rust en ruimte. Met gezonde spiegeling.

Toch?

Nou… helaas hebben onze ouders ons dit lang niet altijd kunnen geven toen we het nodig hadden. Dat is niet hun schuld. Dat is omdat zij ook van hún ouders niet geleerd hebben dat we ze eigenlijk gewoon kunnen ‘hebben’. Wat je niet van jezelf kunt hebben, kan je helaas ook niet van een ander hebben. Zelfs niet van je bloedeigen kind. Gevolg: je probeert het gevoel zélf fout te maken: door je kind te beschamen, het naar z’n kamer te sturen, het af te leiden of te sussen.

Auw. Want wat is er mis met woede als je er niemand pijn mee doet en er niks mee stuk maakt? Het is iets wat van nature in ons opkomt wanneer we onrecht ervaren. En wat is er mis met verdriet als het gewoon oké is om te huilen? Onze tranen komen vanzelf als we pijn voelen of zien in anderen. Dit is wie we zijn, dit is onze diepste essentie. Zonder dit vermogen om te voelen, voelen we ons incompleet en onvrij.

Gelukkig is de generatie ouders van nu hier heel veel over aan het leren!

Hoe kan het wel?

Nu ben je volwassen. Al heb je het misschien niet van je ouders geleerd, het is nooit te laat om alsnog te leren hoe je jouw eigen veilige bedding kunt zijn. Een veilige bedding waarin je alles wat je ervaart, eenvoudig en vriendelijk de ruimte geeft. Het is dé grote kwaliteit van een volwassene om dit te kunnen doen.

Als je bereid bent om toe te laten wat je ervaart… En je blijft aandachtig; eigenlijk verandert er dan altijd iets. Er verschuift iets. Er kom een nieuwe kleur bij: de ene ervaring verglijdt in een volgende ervaring.

Het prachtige en wonderbaarlijke hiervan is: meestal is die nieuwe ervaring opener, ruimer en lichter dan de vorige. Vaak veel prettiger dan dat wat we eerst probeerden om niet te voelen. We gaan meer verbinding ervaren met onszelf. Er komt meer begrip, meer diepte en vooral: meer ontspanning. Dit is wat we transformatie noemen. Tantra wordt ook wel het pad van transformatie genoemd.

Vaak hebben we daar zeker in het begin wat hulp bij nodig; iemand die samen met ons wil oefenen om die bedding te vormen. Dat kan je geliefde zijn op het moment dat je samen een inquiry doet of mediteert.

En soms is je geliefde juist helemáál niet de aangewezen persoon. Bijvoorbeeld omdat wat jij ervaart, veel pijnlijkheid oproept in je lief. Dan zal je misschien behoefte hebben aan de hulp. Bijvoorbeeld van een therapeut of spiritueel leraar.

En als je het leuk vind om samen met je partner te oefenen zijn jullie natuurlijk van harte welkom in een Avond vol Aandacht. Daarin kan je naar hartelust oefenen om je ervaring waar te laten zijn; in bijzijn van je geliefde.